Article

18.12.2017

Start-ups ondernemen actie om de smart city ademruimte te geven

Adem eens in... en weer uit. De lucht die we in onze longen krijgen, is soms vervuild. Sensio AIR, Clarity, Flow en andere start-ups doen er dan ook alles aan om de luchtkwaliteit en dus ook de volksgezondheid te verbeteren. Ze doen dat zij aan zij met de smart city.

Luchtkwaliteit is een major issue voor de volksgezondheid. Elk jaar sterven er wereldwijd 6,5 miljoen mensen door luchtvervuiling, zo blijkt uit een onderzoek dat op 20 oktober 2017 in het medische tijdschrift The Lancet verscheen. Volgens een OESO-rapport bedragen de medische kosten door vervuiling in 2015 alleen al 21 miljard dollar en kan het prijskaartje nog flink stijgen. De luchtkwaliteit is niet alleen een probleem in landen waarvan we weten dat er veel vervuiling is, zoals China. In de Deense hoofdstad Kopenhagen bijvoorbeeld wordt het aantal sterfgevallen door vervuiling op 500 geraamd. Om dat probleem te verhelpen, besloot de stad om de luchtkwaliteit in real time te gaan meten. Over gegevens beschikken en vaststellingen doen, is één ding. Maar actie ondernemen, is natuurlijk wat anders. Hoe pakken de smart cities het probleem dan aan? Hoe kunnen ze samenwerken met start-ups die in dat domein actief zijn? Steden kunnen verbintenissen aangaan en een beleid uitwerken om de toestand op termijn te verbeteren. Maar wat kunnen de inwoners intussen zelf doen? Start-ups, waarvan sommige aanwezig waren op TechCrunch Disrupt 2017 of op de laatste DemoDay van de versneller HAX in San Francisco, komen met oplossingen voor de dag.

Start-ups helpen burgers om zich tegen luchtvervuiling te beschermen

Volgens de Amerikaanse stichting Astma en Allergie lijden in de Verenigde Staten bijna 25 miljoen mensen aan astma. Sommige studies tonen bovendien aan dat luchtvervuiling niet alleen de ademhalingsproblemen van astmapatiënten kan verergeren, maar de ziekte zelfs kan veroorzaken bij tot dan toe gezonde personen. De beste manier om astmasymptomen te vermijden, is zuivere lucht inademen. En dat is nu net waar Sensio AIR voor wil zorgen. De CEO en medeoprichter van deze jonge start-up, Cyrille Najjar, die trouwens ook aanwezig was op TechCrunch Disrupt 2017, legt uit dat zijn toepassing en toestel bedoeld zijn voor "mensen niet alleen in de stad, maar ook thuis willen weten hoe het gesteld is met de luchtkwaliteit".

Maar hoe moeten we nu precies begrijpen wat voor lucht we inademen? Welke cijfers moeten we geloven? Het bepalen van de luchtkwaliteit gebeurt nog altijd subjectief. "De internationale instellingen bereikten nog geen akkoord over een drempelwaarde voor elke vervuilende stof, waarboven de luchtkwaliteit slecht is. Elk land hanteert zijn eigen luchtkwaliteitswaarden, met als gevolg dat de politiek een belangrijke rol speelt bij het bepalen van die drempels",  zegt Najjar. "Wetenschappers zijn er ook nog niet uit of een langdurige, matige blootstelling aan een verontreinigende stof gevaarlijker is dan een korte maar zeer sterke blootstelling."  Daarom werkt Sensio AIR met de waarden die de bevolking de meeste bescherming bieden.

De start-up beschikt over een "gigantisch sensorennetwerk" in huizen en steden, dat waarden opneemt in "wagens, treinen, openbare gebouwen, hangars enz." Dat is een goede manier om de vervuilingsgraad of de hoeveelheid schadelijke stoffen in de lucht op een welbepaalde plek nauwkeurig te meten en advies te geven. "We zullen de oorzaken kunnen achterhalen en aan de gebruikers kunnen zeggen dat ze bijvoorbeeld vandaag de ramen moeten openen, een luchtontvochtiger moeten plaatsen enz." Mensen die last hebben van astma en allergieën kunnen "de symptomen in de toepassing registreren. Hoe meer ze dat doen, hoe beter [Sensio AIR] in staat zal zijn om te voorspellen wanneer dezelfde situatie zich opnieuw zal voordoen", voegt Cyrille Najjar eraan toe. De start-up legt zich dus vooral toe op het voorkomen van ademhalingsziekten en -allergieën.

Starter Plume Labs streeft datzelfde doel na. Het jonge, Londense bedrijf wil met zijn toepassing Air Report gebruikers helpen om vervuilingspieken te vermijden. Het idee erachter is dat we de lucht die we inademen niet kunnen verbeteren, maar dat we ons wel kunnen aanpassen aan de vervuilingsgraad. Om te kiezen wanneer hij gaat joggen, met de kinderen naar het park gaat of de hond uitlaat, kan de gebruiker gewoon naar de vervuilingsgraad kijken op tijdstip T en de volgende uren. Net zoals bij een weerbericht dus. En om een precies idee te hebben van de luchtkwaliteit in en om het huis, introduceerde Plume Labs de draagbare sensor Flow, een soort van wearable om aan een tas vast te maken.

Het jonge Franse bedrijf Wair, dat aanwezig was op CES 2017, komt dan weer met sjaals met een ingebouwd masker, zodat voetgangers en fietsers zich in vervuilde steden tegen schadelijke stoffen kunnen beschermen. De bevolking wordt dus wel degelijk aangemoedigd om haar gewoonten te veranderen en dus beter te ademen. Toch kan ze in werkelijkheid maar weinig doen. De toestellen en sensoren zijn wel nuttig om de bewustmaking te stimuleren, maar niet alles kan op individueel niveau worden opgelost. Alleen slimme steden kunnen de luchtkwaliteit ook echt significant verbeteren.

De gezondheid van de mens gaat hand in hand met die van de smart city op lange termijn

Om de luchtkwaliteit te verbeteren, passen smart cities verschillende strategieën toe. In Kopenhagen levert het bedrijf CPH Sense met zijn sensoren in real time informatie over de vervuilingsgraad. Er bestaat een gelijkaardig systeem in andere steden, zoals de overheidswebsite AirNow in San Francisco. De start-up Clarity, die dankzij HAX een stevige boost kreeg, zegt dat in zes jaar tijd drie keer meer steden de luchtkwaliteit actief meten: 3.000 nu tegenover 1.100 vroeger. Is dat het bewijs van een echte bewustwording?

In de stad Oakland, ten noorden van San Francisco, werkten verschillende overheids- en privé-instanties in elk geval samen om meer inzicht te verwerven in het luchtvervuilingsprobleem. Onderzoekers van de universiteit van Texas in Austin, teams van Google Earth Outreach en de ngo Environmental Defense Fund maakten in juni 2017 het resultaat bekend van hun samenwerking met Aclima, een start-up die milieugegevens verzamelt. De sensoren van die start-up werden een jaar lang op Google Street View-auto's geplaatst en tonen aan in welke mate de luchtkwaliteit per wijk kan verschillen. Dergelijke studies tonen aan dat de luchtkwaliteit zo lokaal mogelijk moet worden gemeten. En precies daar kunnen jonge bedrijven als Clarity helpen. Dankzij zijn uitgebreide sensorennetwerk verzamelt het bedrijf in real time gegevens over de luchtkwaliteit die meteen in de cloud worden opgeladen. "De nauwkeurigheid van de gegevens wordt daarna verbeterd door middel van machine learning-algoritmes op basis van de door de regeringsstations verzamelde gegevens", zegt Meiling Gao, doctor in de volksgezondheid en het milieu en COO van Clarity.

"Steden hebben vaak luchtkwaliteitsmeetstations die gebruikmaken van referentiemethodes met een hoge nauwkeurigheidsgraad. Het nadeel is dat ze zeer duur zijn, ook qua onderhoud. Daarom zijn ze schaars", zegt Cyrille Najjar. In heel het Verenigd Koninkrijk staan er volgens hem maar 150 dergelijke apparaten. "Ze bevinden zich meestal op daken van gebouwen of ver van dichtbevolkte gebieden", weet Meiling Gao. De sensoren van de starters – die talrijker en vaak goedkoop en makkelijk te onderhouden zijn – vullen die van de overheid aan en geven "een totaalbeeld van de luchtkwaliteit in de stad", zegt de CEO van Sensio AIR.

Zijn start-up kan de plaatselijke autoriteiten dan waarschuwen bij ongewone situaties of grote problemen en aanbevelingen doen. "Sommige steden hebben bijvoorbeeld op grond van de gegevens hun stadsplan gewijzigd om specifieke bronnen van vervuiling te verminderen", vertelt Najjar. "Verkeerslichten zijn een grote bron van vervuiling omdat de auto's op die plaats weer starten. Daarom werden sommige lichten verplaatst en trajecten gewijzigd om gevoelige bewoners te beschermen (jonge kinderen, zieken, ouderen ...). Door het openbaar vervoer op vervuilde wegen te versterken kon, de vervuiling drastisch worden verlaagd."  Die aanbevelingen zijn logisch, maar niet altijd makkelijk uit te voeren in steden, die met allerlei obstakels kampen.

Burgers, overheid en privésector moeten de luchtkwaliteit samen aanpakken

Een van de pijnpunten is "de multisectoraliteit van het luchtkwaliteitsbeheer", weet Meiling Gao. "De overheidsinstellingen voor milieubescherming die bevoegd zijn voor het controleren van de luchtkwaliteit hebben niet altijd het nodige gezag om maatregelen op te leggen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, zoals het elektrisch maken van stadsbussen of het beperken van het verkeer in bepaalde stadswijken."  Luchtvervuiling is een zaak voor de verantwoordelijken van transport, energie en milieu. "En die verantwoordelijken moeten samen rond de tafel gaan zitten om het probleem op te lossen." Bovendien hebben ze betere gegevens nodig om de juiste beslissingen te kunnen nemen. "Er zijn veel oorzaken van luchtvervuiling. Het klimaat en de menselijke activiteit zijn er daar twee van. De beslissers moeten dus over gelokaliseerde informatie beschikken om te begrijpen welke factoren een impact hebben op de luchtkwaliteit en hoe die te bestrijden. Daarbij moeten ze in real time de efficiëntie van hun overheidsbeleid meten om het te kunnen bijsturen", zegt de specialiste.

De bevolking bewustmaken en de inwoners doen beseffen dat hun gedrag wel degelijk iets kan veranderen, is ook een opdracht voor de smart city. De COO van Clarity vindt daarom dat "informatie over de luchtkwaliteit even gewoon en wijdverspreid zou moeten zijn als het weerbericht of de verkeersinfo. En hoe meer die informatie over plaatsen gaat waar mensen komen, zoals scholen, parken, publieke tuinen of winkelbuurten, hoe interessanter het voor ze wordt."

Omgekeerd is er voor de inwoners ook een rol weggelegd: de smart city ertoe bewegen haar verantwoordelijkheid op te nemen. "Ze kunnen bijvoorbeeld informatie opzoeken over de gezondheidsrisico's van vervuiling en maatregelen voor betere lucht aanmoedigen. Initiatieven zoals het aanleggen van groenzones, fietspaden en een beter openbaarvervoersnet zijn stappen in de juiste richting om een duurzame stad met gezonde inwoners te creëren. Maar daarvoor zijn er meer en betere gegevens nodig", weet Meiling Gao.

Is luchtzuivering een oplossing?

Er is nog een laatste mogelijkheid om de lucht gezonder te maken: als de lucht vuil is, waarom dan niet filteren of zuiveren? Die techniek lijkt radicaler dan het langetermijnbeleid van de overheid, maar werd alleen ontwikkeld voor kleinschalig gebruik. Start-ups als Molekule of Arcadya bieden een product aan om thuis te gebruiken en de lucht dus binnen te verbeteren. Volgens hen brengen we daar immers het grootste deel van onze tijd door. Voor de buitenlucht test Londen momenteel een luchtfilterende bank uit in Bird Street. Daar zuigt AirLabs de omgevingslucht op en stoot gezuiverde lucht uit. "Een nuttige oplossing op korte termijn, maar dan alleen als het probleem ook aan de bron wordt aangepakt", zegt Meiling Gao. Het is met andere woorden een pleister op een houten been.

Het meten van de luchtkwaliteit lijkt misschien overbodig als alles normaal is, maar bewijst zijn grote nut als het misgaat. Door de recente branden in Californië was de luchtkwaliteit in Silicon Valley ernstig verslechterd. Meer inwoners gingen daardoor informatie opzoeken over de toestand en de gevolgen voor hun gezondheid en levenswijze. Misschien zullen ze daar later mee doorgaan. Hopelijk motiveert het de breinwerkers in de baai om nieuwe GreenTechs op te zetten in de strijd tegen vervuiling. Andere moderne technieken geven alvast een sprankeltje hoop, zoals deze IJslandse fabriek die meer CO2 opslorpt dan ze uitstoot.

Bron: L’Atelier

Article

23.12.2021

Elektrische wagens worden stilaan de norm

Vanaf 2026 geldt enkel nog voor elektrische bedrijfswagens een gunstig fiscaal regime. Een belangrijke stap naar een meer duurzame mobiliteit. En een extra reden om voluit te gaan voor de vergroening van uw wagenpark.

De evolutie naar een vergroening van bedrijfswagens is nu ook wettelijk vastgelegd. Door een aantal fiscale verschuivingen worden elektrische bedrijfswagens of e-wagens voortaan de meest interessante keuze. Het ideale moment om vandaag al werk te maken van de elektrificatie van uw wagenpark.

De fiscale aftrekbaarheid van nieuw bestelde niet-emissievrije voertuigen (diesel-, benzine- maar ook hybride wagens) zal geleidelijk uitdoven. Die voor emissievrije voertuigen (puur elektrische wagens of wagens op waterstof) bedraagt tot 2026 100%. Nadien zal ook die aftrekbaarheid geleidelijk afnemen om in 2031 op 67,5% uit te komen.

Elektrisch rijden is niet alleen fiscaal interessanter

Voor elektrische wagens geldt vandaag al een fiscale aftrekbaarheid van 100%. En toch kleuren de meeste wagenparken nog niet echt groen. Een van de redenen hiervoor is dat de aankoopprijs van een elektrische of hybride wagen gevoelig hoger ligt dan die van een vergelijkbare wagen met een verbrandingsmotor. Al is er door het marktmechanisme een evolutie merkbaar en liggen de prijzen ondertussen al minder ver uit elkaar.

Toch is de aankoopprijs niet de enige factor om rekening mee te houden. U kijkt beter naar de zogenaamde TCO of Total Cost of Ownership. Daarin zitten alle te verwachten kosten. Denk aan het verbruik, het onderhoud, de CO2-bijdrage en de fiscale aftrekbaarheid. En die vier elementen zijn allemaal gunstiger voor elektrische wagens. Als niet langer de aankoopprijs, maar wel de TCO de maatstaf wordt, dan is een groene vloot e-wagens in de toekomst de meest voordelige keuze voor uw bedrijf.

Geleidelijke switch

Het fiscaal regime voor wagens die rijden op fossiele brandstof zal niet van de ene op de andere dag veranderen. Al is elektrisch rijden de toekomst en is het duidelijk tijd voor een nieuwe mobiliteit.

  • Tot en met 30 juni 2023
    Voor bedrijfswagens die vóór 1 juli 2023 besteld worden, blijven de huidige voorwaarden rond aftrekbaarheid gelden. Voor bedrijfswagens die operationeel geleased of gehuurd worden en waarvan de economische eigendom niet wordt overgedragen, wordt gekeken naar de afsluitingsdatum van het lease- of huurcontract. De kosten van een diesel-, benzine- of hybride wagen blijven 50 tot 100% aftrekbaar, die van elektrische wagens 100%.
  • Vanaf 1 juli 2023 t.e.m. 31 december 2025
    Voor niet-emissievrije voertuigen die besteld worden vanaf 1 juli 2023 t.e.m. 31 december 2025 geldt een overgangsperiode en dooft de aftrekbaarheid geleidelijk uit. Van maximaal 75% in 2025, naar 50% in 2026, 25% in 2027 tot uiteindelijk 0% aftrekbaarheid in 2028. Vanaf 2025 wordt de minimale aftrekbaarheid van 50% afgeschaft. Ook de CO2-bijdrage voor deze wagens zal jaarlijks gevoelig verhogen. Emissievrije wagens blijven 100% aftrekbaar.
  • Vanaf 1 januari 2026
    Niet-emissievrije voertuigen die vanaf 1 januari 2026 besteld worden, zijn niet meer aftrekbaar. Enkel emissievrije voertuigen, zoals elektrische wagens, zijn dan nog 100% aftrekbaar. Maar ook dat gunstregime wordt de jaren nadien stap voor stap afgebouwd. Naar 95% voor voertuigen besteld in 2027, 90% in 2028, 82,5% in 2029, 75% in 2030 tot uiteindelijk 67,5% in 2031.
  • Plug-in hybrides (PHEV)
    Voor een plug-in hybride (PHEV) besteld vanaf 1 januari 2023 wordt de fiscale aftrekbaarheid van benzine- en dieselkosten begrensd op 50%. De elektriciteits- en andere kosten vallen niet onder deze beperking. Deze maatregel wil het gebruik van elektromotoren en PHEV stimuleren. Voor het overige blijft de PHEV de regels voor niet-emissievrije voertuigen volgen.

En voor uw werknemers?

Als u een bedrijfswagen toekent die uw werknemer ook privé mag gebruiken, dan wordt dat voordeel belast op een forfaitair voordeel van alle aard (VAA) dat afhangt van de cataloguswaarde, CO2-uitstoot en het type brandstof. Het statuut van de bedrijfswagen als alternatieve verloning blijft gevrijwaard tot na 2030. Er verandert voorlopig dus niets aan het VAA van de bedrijfswagen ten aanzien van de werknemer. Hoewel elektrische voertuigen doorgaans een hogere catalogusprijs hebben, kan de nul-uitstoot het verschil compenseren en in vele gevallen voordeliger uitdraaien voor uw werknemer.

Wat met opladen?

Om uw werknemers optimaal gebruik te laten maken van een elektrische wagen, kunt u een laadpaal laten installeren bij hen thuis, indien dat mogelijk is. Zowel het toestel als de installatie bij uw werknemer zijn 100% fiscaal aftrekbaar en voor hem of haar is er geen extra belastbaar voordeel.

Als onderneming geniet u onder bepaalde voorwaarden van een verhoogde kostenaftrek voor de installatie van laadstations op uw bedrijfsterrein. Die bedraagt 200% voor investeringen uitgevoerd in de periode vanaf 1 september 2021 t.e.m. 31 december 2022 en 150% voor afschrijvingen met betrekking tot investeringen gedaan in de periode vanaf 1 januari 2023 t.e.m. 31 augustus 2024. Een voorwaarde is wel dat het laadstation lineair afgeschreven wordt over minstens 5 belastbare tijdperken en dat ten vroegste vanaf het aanslagjaar dat verbonden is met het belastbaar tijdperk in de loop waarvan het laadstation operationeel en publiek toegankelijk is.

Schakel over naar een elektrische vloot

Naast een gunstige fiscaliteit zijn er nog heel wat andere uitstekende redenen om vandaag al te kiezen voor elektrische wagens.

  • Het is een milieuvriendelijke oplossing die leidt tot 17 à 30% minder CO2-uitstoot dan de uitstoot door ICE-voertuigen (Internal Combustion Engine of auto’s aangedreven door fossiele brandstof) gedurende de hele levenscyclus van het voertuig.
  • Vandaag is al een breed gamma nieuwe modellen op de markt en dat zal de komende jaren alleen maar toenemen.
  • De meeste nieuwe modellen hebben nu al een rijbereik van 300 tot 600 km.
  • Voordelige Total Cost of Ownership (TCO).
  • Elektrisch rijden is aangenaam en veroorzaakt veel minder straatlawaai.
  • Openbare laadinfrastructuur is in volle expansie.
  • Toegang tot lage emissiezones en steden die dieselvoertuigen verbieden.

In een hedendaags verantwoord vlootbeheer staat duurzaamheid centraal. Wacht niet langer om uw wagenpark te elektrificeren en verlaag zo de ecologische voetafdruk van uw bedrijf. Onze mobiliteitspartner Arval helpt u bij de vergroening van uw wagenpark en ondersteunt u bij uw transitie naar elektrische voertuigen.

Ontdek al onze oplossingen of praat erover met uw relatiebeheerder.

Article

20.12.2021

Samen bouwen aan een duurzame chemiesector

Als bank willen we duurzaam ondernemerschap en innovatie stimuleren. Samen met BlueChem, de eerste incubator voor duurzame chemie in Europa, zetten we alvast enkele belangrijke stappen in die richting.

In december 2021 verlengde BNP Paribas Fortis haar exclusief partnership met BlueChem voor drie jaar. Een logische stap na de succesvolle samenwerking van de voorbije jaren.

BlueChem is de eerste onafhankelijke incubator in Europa die zich specifiek toespitst op innovatie en ondernemerschap in duurzame chemie. Het ondersteunt beloftevolle start-ups en ambitieuze groeibedrijven uit binnen- en buitenland op juridisch, administratief en financieel vlak. Zo investeerde BlueChem recent in een gloednieuw gebouw op de Blue Gate site, het nieuwe klimaatneutrale bedrijventerrein in Antwerpen. Zowel starters, kmo’s, grote ondernemingen, onderzoekscentra als kennisinstellingen kunnen er terecht voor volledig uitgeruste en vrij in te richten labo’s, individuele kantoren en flexplekken. Je vindt er o.a. een bedrijf dat CO2 moleculen splitst om te hergebruiken, een ander bedrijf dat eiwitten ontwikkelt voor vleesvervangers of nog een bedrijf dat chemicaliën uit vervuild industrieel afvalwater haalt.

Didier Beauvois, Head of BNP Paribas Fortis Corporate Banking: “Wij zijn erg trots partner te mogen zijn van BlueChem, dat net zoals onze bank duurzame ontwikkeling en open innovatie hoog in het vaandel draagt. Het is dan ook een bewuste keuze om ons partnership met BlueChem meteen met drie jaar te verlengen. Via dit soort initiatieven willen we bedrijven en sectoren helpen om te voldoen aan de voorwaarden die gesteld worden in de ‘European Green Deal’, het plan van de Europese Commissie om de Europese Unie tegen 2050 klimaatneutraal te maken.”

Duurzaam partnership

Als leidinggevende bank in België vinden we het belangrijk om onze verantwoordelijkheid te nemen en bij te dragen tot de duurzame ontwikkeling van onze samenleving, vandaag en morgen. Een belofte die we kunnen blijven waarmaken dankzij de samenwerking met een partner zoals BlueChem.

Onze rol binnen deze unieke samenwerking bestaat er in de eerste plaats in om onze expertise te delen. De bank beschikt over een expertisecentrum, het Sustainable Business Competence Centre, dat innovatieve, duurzame ontwikkelingen op de voet volgt en die kennis aanwendt om bedrijven te ondersteunen bij hun duurzaamheidstransitie. Ook hebben we via onze Innovation Hubs veel ervaring met het finetunen van businessplannen voor start-ups die willen evolueren naar een scale-up. Een tweede cruciale rol die voor ons is weggelegd, is het ter beschikking stellen van ons netwerk. We leggen contacten met potentiële klanten en investeerders en gaan op zoek naar synergieën tussen start-ups en grote bedrijven. Contacten die ook een meerwaarde zijn voor ons Corporate Banking cliënteel.

Barbara Veranneman, Voorzitter BlueChem NV en Director International Affairs essenscia: “Het succes van BlueChem is mee te danken aan de sterke strategische partnerschappen, zoals met BNP Paribas Fortis. Hierdoor bieden we met onze incubator voor duurzame chemie niet enkel de juiste accommodatie op de juiste plek, maar ook een gespecialiseerde service op maat. Die toegang tot topexpertise is een bijzondere troef waardoor start-ups en scale-ups optimaal begeleid worden en zich kunnen concentreren op hun kerntaak: duurzame innovaties op de markt brengen.”

Waarom de chemische sector?

De chemische sector is een belangrijke industrie voor ons land. De Antwerpse chemiecluster is de grootste in Europa en de tweede grootste wereldwijd. Door starters en scale-ups over heel Vlaanderen optimaal te ondersteunen in innovatie en verduurzaming, kunnen we dan ook een grote impact creëren.

We beseffen het niet altijd, maar ontwikkelingen uit de chemie vind je terug in elk aspect van ons dagelijks leven: zo goed als elk technologisch product bevat plastic, een smartphone zit boordevol materialen uit de chemische sector, er zijn de biodegradeerbare verpakkingsmaterialen in de supermarkt, het onderzoek naar nieuwe batterijen, recyclage waar heel wat ontwikkeling bij komt kijken…

Een mooi voorbeeld is Triple Helix, een innovatief groeibedrijf dat als een van de eerste bedrijven zijn intrek nam in BlueChem en van bij de start door de bank wordt begeleid. Het bedrijf bereidt de bouw voor van recyclagefabriek ‘SurePure’, waarmee het polyurethaan afval opnieuw wil herleiden tot de grondstof, om daarna te verwerken voor nieuwe toepassingen. Polyurethaan is o.a. terug te vinden in matrassen, autozetels, isolatiepanelen, enz. En dat is slechts een eerste stap. Onder het motto “Molecules as a service” plant Triple Helix gelijkaardige initiatieven met glas, steen en hout. Door afval niet langer als afval te beschouwen, ontstaat een enorme groeimarkt.

Steven Peleman, Managing Partner Triple Helix Group: “De kracht van een partner zoals BNP Paribas Fortis is dat ze de juiste partijen aan tafel kan brengen en zo als het ware een hefboom is in de weg naar een duurzamere industrie. En dan heb ik het niet alleen over het financiële plaatje. De bank zoekt bijvoorbeeld ook mee naar strategische partners, helpt ons om onze credibiliteit te versterken en brengt mogelijke investeerders aan. Een bank die verder kijkt dan het puur financiële is voor ons een ongelooflijke meerwaarde”.

Duurzaamheid en innovatie in de chemische sector

De wetenschappelijke innovatiekracht van de chemiesector is essentieel voor de duurzame ontwikkeling van onze planeet. De chemie levert immers cruciale innovaties en producten voor een succesvolle aanpak van de klimaatverandering, ook al is het een industrie die niet meteen als de meest ‘groene’ gezien wordt. Toch zijn er heel wat opportuniteiten: betere recyclagetechnieken om duurzame metalen uit afval te halen, biodegradeerbare plastics, de vervanging van bepaalde stoffen in bestaande materialen of het vergroenen van een chemisch productieproces. Ook innovatie is voor de sector niet evident. Het kost veel tijd, durf en geld om van een labosetting naar een industriële productieschaal te evolueren.

European Green deal

Al deze inspanningen naar meer duurzaamheid kaderen in een breder Europees kader. De ‘European Green Deal’ is het plan van de Europese Commissie om de Europese Unie tegen 2050 klimaatneutraal te maken. Dit wil ze doen door de C02-uitstoot drastisch af te bouwen en wat er tegen 2050 nog zou worden uitgestoten, meteen op te vangen of te compenseren, bijvoorbeeld door bossen of nieuwe technologie. Europa zou daarmee het eerste klimaatneutrale continent ter wereld worden. Een ambitie waar we als bank graag onze schouders mee onder zetten! En u als bedrijf toch ook?

Wilt u meer weten over hoe wij duurzaamheid en open innovatie stimuleren of wilt u geholpen worden in uw transitie naar een meer sustainable business model? Spreek erover met uw relatiebeheerder of de experten van ons Sustainable Business Competence Centre.

Lees het volledige persbericht hier

Article

27.04.2021

Experts van onze bank helpen de energietransitie vooruit via de Solar Impulse Foundation

Twee specialisten van onze bank behoren tot de topexperts van deze internationale stichting, die rendabele oplossingen verzamelt voor een snellere omschakeling naar duurzame energie.

Voor onze bank is duurzaamheid al sinds jaar en dag een belangrijke pijler. Zo zijn we CO2-neutraal sinds 2017, begeleiden we bedrijven in hun energietransitie en steunen we start-ups en organisaties die werken rond hernieuwbare energie. De Solar Impulse Foundation kan dan ook al van bij haar oprichting rekenen op sponsoring van de BNP Paribas Groep.

Ecologie en economie verzoenen

De Solar Impulse Foundation werd opgericht door de Zwitserse psychiater en pionier Bertrand Piccard, die er zijn levensdoel van maakt om de kansen van duurzame ontwikkeling aan te tonen. In 1999 maakte hij als eerste een non-stopballonvaart rond de wereld en in 2016 legde hij dat traject nog eens af met een vliegtuig op zonne-energie. Sindsdien gebruikt Piccard zijn populariteit om ruchtbaarheid te geven aan oplossingen die het milieu op een winstgevende manier kunnen beschermen. Het uiteindelijke doel? Besluitvormers en bedrijven motiveren om ambitieuzere milieudoelstellingen en een beter energiebeleid vast te leggen, om zo CO2-neutraliteit te bereiken.

1.000 duurzame oplossingen

Vier jaar geleden kondigde de Solar Impulse Foundation aan dat ze wereldwijd op zoek ging naar 1.000 duurzame oplossingen om de energietransitie te versnellen. Dat unieke portfolio aan oplossingen zou dan een essentieel onderdeel moeten worden van alle beslissingen, debatten en politieke onderhandelingen over het milieu. Concreet gaat het over oplossingen die bedrijven op de markt gebracht hebben - of zullen brengen - en die economisch rendabel en technologisch haalbaar zijn, maar nog niet de zichtbaarheid genieten die ze verdienen.

Op 13 april 2021 werd de kaap van de 1.000 oplossingen bereikt. Maar omdat innovatie nooit stopt, blijft de Foundation oplossingen toevoegen.

Expertise vanuit onze bank

Om zoveel mogelijk innovatieve oplossingen te verzamelen, krijgt de Foundation hulp van heel wat partners en een uitgebreide pool van meer dan 300 experts uit bedrijven van over heel de wereld. Aangezien gelijk welk bedrijf zijn product op de website van de stichting mag voorleggen, moeten die experten de geregistreerde oplossingen objectief en gedetailleerd beoordelen op 3 vlakken: rendabiliteit, milieu-impact en technische haalbaarheid. Sinds enkele jaren wijden ook medewerkers van BNP Paribas Fortis zich aan die taak.

Een van hen is Quentin Nerincx, Senior Advisor Cleantech bij ons Sustainable Business Competence Centre, dat bedrijven adviseert om duurzamer te ondernemen. “Ik heb niet getwijfeld om mij kandidaat te stellen”, vertelt Quentin enthousiast. “Het is een boeiend project met een mooi en ambitieus doel. Maandelijks stuurt de Foundation mij een dossier om te analyseren. Elke oplossing wordt door twee verschillende experts bestudeerd en als die allebei een positief oordeel vellen, krijgt de oplossing het label van de Solar Impulse Foundation. Dat kwaliteitskenmerk kan helpen om de implementatie van de voorgestelde oplossing – bijvoorbeeld een nieuwe technologie of een product - te versnellen.” 

Ook Gunter Brems, Sustainability Expert Housing & Sourcing Services, leent zijn expertise uit: “Het is een eer om aan dit prestigieuze project mee te mogen werken. Ik heb in 2020 verschillende dossiers beoordeeld en dat was een verrijkende ervaring, niet alleen om kennis te delen maar ook om nieuwe kennis op te doen. Het is fijn om vast te stellen hoe innovatief sommige bedrijven omgaan met een wereld in verandering, net zoals onze bank dat doet, en hoe er samen naar duurzame alternatieven gezocht wordt.”

Onze bedrijfsklanten helpen bij hun energietransitie

“Ook voor mijn job als duurzaamheidsadviseur bij de bank is dit project interessant, want ik blijf op de hoogte van nieuwe oplossingen die wereldwijd ontwikkeld worden. Zo breid ik mijn expertise continu uit en kan ik breed meedenken met bedrijfsklanten die oplossingen zoeken voor hun energietransitie”, voegt Quentin toe.

Eind vorig jaar vernam Quentin dat hij in de top 20 staat van de deskundigen die expertise leveren aan de Solar Impulse Foundation. Gunter schopte het zelfs tot in de top 10. Die rangschikking maken ze hoofdzakelijk op basis van het aantal geanalyseerde oplossingen en de kwaliteit van de verslagen. “Het doet ons veel plezier dat onze inbreng gewaardeerd wordt”, vertellen de twee experts.

Overheden gidsen

De verzameling van meer dan 1.000 goedgekeurde oplossingen is te vinden op de website van de Solar Impulse Foundation. Deze zomer publiceert de Foundation ook een Solutions Guide die overheden, bedrijven en individuen in staat stelt om concrete oplossingen te vinden en te implementeren op grote schaal. Met deze tool kan iedereen in slechts drie klikken oplossingen vinden voor problemen in specifieke geografische, industriële of financiële omgevingen.

De Foundation zal bovendien aan verschillende overheidsinstanties een Cleanprint bezorgen, een soort rapport en plan voor regeringen en bedrijven om aan de hand van de verzamelde oplossingen hun klimaatdoelen te bereiken, in overeenstemming met het Klimaatakkoord van Parijs. Het rapport zal ook aangeven waar overheidsinstanties hun wettelijke kaders kunnen moderniseren voor de ambitieuze invoering van deze oplossingen. De eerste Cleanprint wordt door Bertrand Piccard gepresenteerd op de COP26 Climate Summit in november 2021 in Glasgow.

Jean-Laurent Bonnafé, CEO van BNP Paribas: “Er is geen toekomst voor de samenleving zonder een succesvolle energietransitie op lange termijn. Deze transformatie kan alleen collectief worden uitgevoerd en vereist technische en technologische serviceoplossingen. Door de uitdaging aan te gaan om 1.000 oplossingen te selecteren die milieubescherming aanmoedigen en tegelijkertijd winstgevend zijn, helpt de Solar Impulse Foundation ons om dit doel op een zeer praktische manier en in overeenstemming met de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs te bereiken.”

“Zien dat er door regeringsleiders en andere besluitvormers daadwerkelijk gevolg gegeven wordt aan de verzamelde oplossingen, dat zal de kroon op ons werk zijn”, besluiten Quentin en Gunter.

Advies nodig om duurzamer te ondernemen met uw bedrijf?
Contacteer onze experts van het Sustainable Business Competence Centre
Article

25.02.2021

Hoe kan de blauwe economie een verschil maken?

Wat als de toekomst van duurzaam ondernemen nu eens op de bodem van de oceaan ligt? De mariene biodiversiteit bevat rijkdommen die een antwoord kunnen bieden op milieu-uitdagingen van veel sectoren. Misschien ook de uwe? Kom het te weten op 11 maart 2021 tijdens een online evenement over de veelbelovende blauwe economie.

Blauw is het nieuwe groen

71% van onze planeet bestaat uit water. Zeeën en oceanen spelen een cruciale rol voor het klimaat. Kustgebieden kunnen tot vijf keer meer CO2 opvangen dan tropische wouden. De blauwe economie wil van al die troeven gebruikmaken om zowel het milieu als ons welzijn te verbeteren.

Lokaal is daarbij het sleutelwoord. En daar zit het verschil met de groene economie die ook inzet op milieu en gezondheid, maar niet altijd op een even duurzame en slimme manier. Biologisch geteelde quinoa uit Ecuador eten, is bijvoorbeeld gezond en ecologisch, maar het transporteren naar hier, is duur en erg vervuilend.

Duurzaamheid uit de zee

Wat heeft de onderwaterwereld te bieden dat herbruikt, gerecycleerd of omgezet kan worden in nieuwe duurzame producten? Heel wat, zo blijkt. Unieke eigenschappen van organismen zoals algen, zeesterren, kwallen of zeekomkommers kunnen getransformeerd worden tot duurzame producten met een grote meerwaarde. Dat proces vraagt om creativiteit en innovatie, maar die is er vandaag wel degelijk.

Ook voor uw sector

De blauwe economie is in volle expansie en zou voor een omwenteling kunnen zorgen in uiteenlopende sectoren zoals gezondheidszorg, de voedingssector, de plastiekindustrie, cosmetica, energie, en zelfs de ruimtevaart. Ze heeft alles in zich om bedrijven te helpen hun traditionele activiteiten om te zetten naar een duurzaam model. En met haar havens bezit België alvast een grote troef en een mooie toegang tot kust- en overzeese gebieden.

Nog een schepje microalgen?

Microalgen bijvoorbeeld, zijn bijzonder veelbelovend. Ze kunnen zichzelf vernieuwen en gedijen zowel in de woestijn als in de oceaan. Ze bevatten heel wat gezonde bestanddelen, zoals eiwitten, waarmee voedingsmiddelen ontwikkeld kunnen worden.

Duurzaam plastiek

Wordt er over de oceanen gesproken, dan is de plastiekproblematiek nooit veraf. De mens produceert steeds meer plastiek naarmate de wereldbevolking toeneemt. Het probleem met het huidige plastiek is dat het amper te recycleren is omdat de verschillende onderdelen moeilijk te scheiden zijn. Door een totaal andere soort plastiek te maken van biomassa wordt van in de ontwerpfase al rekening gehouden met dat recyclage-aspect. In de oceanen is een grote hoeveelheid biomassa aanwezig die nog onbenut blijft. Het gebruik van slimme natuurlijke polymeren bijvoorbeeld kan de plastiekproductie revolutionair veranderen. Die polymeren kunnen zich vernieuwen en aanpassen aan hun omgeving.

Wie gaat dat betalen?

Prachtige ideeën denkt u, maar wie gaat dat betalen? De financiële sector wil alvast een rol opnemen in deze omwenteling en is bereid risico’s te nemen en te investeren in nieuwe technologieën, productiesystemen en R&D.

Tijdens de klimaatweek in New York eind september 2020 werd dat engagement op verschillende manieren geformaliseerd. BNP Paribas tekende de Principles for Responsable Banking (PRB) en sloot zich aan bij de Collective Commitment to Climat Action van de UNEP FI, een partnerschap tussen het United Nations Environment Program en de financiële sector. Wat de maritieme sector in het bijzonder betreft, engageerde de bank zich om samen met klanten te ijveren voor het behoud en de duurzame exploitatie van de oceanen. Lees hier meer details over dat engagement (uitsluitend beschikbaar in het Frans).

Benieuwd of de blauwe economie voor uw sector een verschil zou kunnen maken?
Schijf u hier in voor een gratis online evenement (uitsluitend in het Engels) rond dit thema op 11 maart 2021 georganiseerd door BNP Paribas Fortis Chair Transport, Logistics and Ports.

Verschillende ervaringsdeskundigen delen hun inzichten en ook onze experts van het Sustainable Business Competence Centre komen aan het woord. Zij kunnen u adviseren over innovaties en begeleiden bij uw duurzame transitie. Neem gerust contact op.

Discover More

Contact
Close

Contact

Klachten

Zou u onderstaande vragen kunnen beantwoorden? Zo kunnen wij uw aanvraag sneller en op een meer geschikte manier behandelen. Alvast bedankt.

U bent zelfstandige, oefent een vrij beroep uit, start of leidt een kleinere, lokale onderneming? Ga dan naar onze website voor professionelen.

U bent particulier? Ga dan naar onze website voor particulieren.

Is uw onderneming/organisatie klant bij BNP Paribas Fortis?

Mijn organisatie wordt bediend door een Relationship Manager:

Uw boodschap

Typ de code die in de afbeelding wordt getoond:

captcha
Check
De Bank verwerkt uw persoonsgegevens overeenkomstig de Privacyverklaring van BNP Paribas Fortis NV.

Bedankt

Uw bericht is verzonden.

We antwoorden u zo snel mogelijk.

Terug naar de huidige pagina›
Top